Wandelmaand

Het regent in elk geval niet als ik opsta, de zaterdagochtend van ons wandelweekend, en dat is geen verkeerd begin. Tegen mijn slechte gewoonte in rijd ik zo vroeg weg dat ik zelfs mijn zoon, die zijn grote lijf snel op de valreep op de achterbank heeft gewurmd, nog op tijd voor zijn werk in de stad kan afzetten. De andere dames hebben voor koffie en accessoires gezorgd. Terwijl we rijden en kletsen zoals alleen vrouwen dat doen, bedenk ik hoe onze bijdragen aan dit wandelweekend ons tekenen. Ik heb mijn zaken meestal veel te optimistisch gepland, maar zorg ervoor dat iedereen gemobiliseerd wordt, en dat we er komen. S. heeft twee thermosjes mee: één gevuld met koffie mèt melk; één met zonder. Bovendien heeft ze opvouwbare kopjes opgevouwen ingepakt, slechts twee, want de andere twee kunnen uit de schroefkop drinken, en ze heeft natuurlijk natuurvriendelijke roerstaafjes meegenomen, die wij zó in het dennenbos kunnen flikkeren. L. heeft broodjes bij zich. Die zijn groot, zacht, en warm, net als zij. Nog vóór wij de snelweg bereiken riekt mijn auto overheerlijk naar geborgenheid, overvloed en de zolder van de bakkerij waar ik vroeger speelde.

Met E. hebben we afgesproken bij het eindpunt van onze route, en nadat ze haar auto heeft afgesloten en haar rugzak achterin de mijne op die van ons heeft gelegd, rijden wij naar de start. De logistiek is voor elkaar. Ondertussen vertelt E. over haar tocht van de afgelopen zomer door Schotland. We bewonderen haar outfit bijna nog meer dan haar ervaring. Belangrijk is, zegt E., om niets aan het toeval over te laten. Pas dan kun je echt alles loslaten op zo’n tocht. Ik krijg het ineens erg warm. Als ik de auto geparkeerd heb bij het Aquacenter in Silkeborg, ga ik daar toch maar even vragen of ze misschien een kaart hebben van de wandelroute. Het meisje achter de balie verzekert me dat het echt niet moeilijk te vinden is. De route is goed aangegeven met bordjes.

We laten ons als overrijpe Roodkapjes het bos in leiden door een paar ginnegappende knullen, die er met hun verwilderde haar, stoere schoenen en versleten rugzakken betrouwbaar uitzien. Ik vind het nu al leuk. E. zegt niets, maar ik ken haar goed genoeg om te weten dat ze in gedachte al een “Ik zei het toch…”- constructie prevelt, omdat de ontbrekende kaart ons zeker het bos in gaat sturen. Door de hoge sparren werpt de zon zijn gouden zoeklichten op het pad. Gelukkig krijgt het vriendelijke meisje van het Aquacenter al gauw gelijk, want bij de eerste tweesprong ontmoeten wij De Blauwe Man. En die zegt welke kant we op moeten. Het pad is droog en goed begaanbaar, en onze jassen gaan uit. We hebben er een stevig tempo in. Ik krijg zin om een liedje te zingen. Misschien doe ik het ook.

Door bos en wei, langs ruisend struikgewas en over kabbelende beekjes gaat onze weg. Wij praten, en denken na over het leven. Dat was immers het doel toen onze wandelclub kortgeleden werd opgericht op Facebook. Ik had er een artikel bij up-ge-load over hoe wandelen de geest verruimt en het lichaam dient. Wandelen verrijkt zogezegd het leven. Wij drinken koffie op een boomstronk, genieten op een bankje van een adembenemend uitzicht terwijl we zuchtend onze tanden zetten in de lekkere verse broodjes, en vlak voor het eindpunt bezwijken we voor een terrasje aan het water, waar we in een hoekje mogen zitten omdat de rest is afgehuurd voor een trouwerij. De bruid draagt een leren jasje over haar jurk tegen de opkomende avondkilte, en haar nieuwbakken man heeft haar in de houdgreep voor een selfie.

We zijn echt heel erg moe als we aankomen bij ons hotel. Ik heb een paar fikse blaren, en S. heeft zich laatste kilometers zorgen gemaakt over haar rug. Ik ben eigenlijk nogal geschokt dat een dag wandelen tegenwoordig zo veel van mij vergt. Na een groot glas bier in de lobby zijn we onze problemen vergeten, en als we later schoon gedoucht aan ons hoofdgerecht zitten, zijn we het er roerend over eens dat wij dit heerlijke eten vandaag verdienen. En dat we onze leven moeten veranderen van één lange to-do list in een hopelijk net zo lange to-be list. Kijk. Wandelen verrijkt het leven.

Als ik de auto de volgende dag de oprit opdraai, heb ik bijna veertig kilometer in de benen, en ben, zoals het liedje zegt, moe maar voldaan. Maandag weer op mijn werk voel ik dat ze nog wat zwaar zijn, maar dat is dan ook alles. Een goed lijf is een luxe. Terwijl ik ’s avonds sta te koken belt mijn man vanuit de file dat het later wordt. Ik begrijp hem niet goed. Hij komt toch vanuit Duitsland rijden? Er is toch nooit verkeer in Zuid Jutland?

Hij legt het kort uit. Er is chaos en stampij. Ik moet de TV maar aanzetten. Er lopen duizenden vluchtelingen over de snelweg. Die zijn onderweg naar Zweden, want ze mogen hier niet blijven. Ze houden een wandelmaand.

Wandelmaand

4 gedachtes over “Wandelmaand

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s