Voorpret

Toen ik voor het eerst op bezoek was bij de grootouders van mijn latere echtgenoot sommeerde zijn demente oma mij de volgende keer een ‘japonnetje’ aan te trekken, en bovendien ‘zijn’ (met een kort hoofdknikje naar de krullenbol die de liefde van mijn leven zou blijken te zijn) overhemd te strijken. Sindsdien heb ik dat woord niet meer zo serieus horen gebruiken. Het woord ‘japon’ associëren de meeste mensen, en dus ook vrouwen, met een nachtelijk, erotiek-dodend gewaad met nutteloze bloemetjes en een te onschuldig kraagje. De huidige koning en koningin van Nederland hebben dit kledingstuk, de middagjapon bedoel ik, in ere hersteld. En daarom is negenenveertig procent van de Nederlandse gemeenschap in Denemarken in een lichte paniek op de sociale media aan het zoeken naar een definitie van dit woord. Men wil immers niet graag een figuur slaan bij het handje schudden van het koninklijk stel bij het naderende staatsbezoek.

Dress codes zijn niet altijd even gemakkelijk te ontcijferen, zelfs als de woorden in kwestie wèl zijn terug te vinden zijn in De Dikke Van Dale. Ze kunnen je reinste geheimtaal zijn, en al helemaal als je weet dat zulke codes ook nog van land tot land verschillend geïnterpreteerd worden. Vroeger in Nederland was een togafeest gewoon een togafeest. Je droeg bij een dergelijke gelegenheid een laken en je stilde je honger met trossen druiven, die je, liggend en leunend op één ellenboog, in een verveeld gebaar als Tom met Jerry boven je mond liet bungelen. En je dronk je gek. Makkelijk zat. Black tie is ook niet zo ingewikkeld. Maar een middagjaponnetje, daarover is het laatste woord nog niet gezegd. Ik heb geleerd dat je beter kunt onderdrijven dan overdrijven.

Dit is het verhaal.

Lang geleden waren wij uitgenodigd naar een land hier ver vandaan. Het waren de Verenigde Staten van Noord-Amerika. Wij waren daar vaker geweest. Maar deze keer waren wij uitgenodigd door het moederbedrijf van de tent waar mijn man bij werkte, voor het bijwonen van de jaarlijkse Presidents’ meeting. Het was een echt Amerikaans bedrijf. Als je één van die Presidents was die daar zijn of haar jaarresultaat bekend moest maken, was het zelfs zó Amerikaans dat je vantevoren twee pasfoto’s op moest sturen: één in kleur en één in zwart-wit. Als je door noeste arbeid je geplande resultaat had gehaald, straalde je foto in triomfantelijke kleuren vanaf het grote scherm de zaal in, die gevuld was met 800 bewonderende aanwezigen. Had je daarentegen het moederbedrijf schromelijk teleurgesteld zoals dat alleen bij moederbedrijven kan, dan staarde je doodskop in zwart-wit naar een weinig vergevingsgezinde menigte. Ik ben vergeten of het ook verboden was te lachen zonder kleur.

Nu woonden wij op het moment van dit verhaal nog in België. Dus veel te lachen viel er al niet. Godzijdank (dat doe je in België) had mijn goedgemutste en energieke echtgenoot zijn beloftes waargemaakt. Ik kon de daaropvolgende dagen dus te veel drinken en toch ontspannen keuvelend aan de bar hangen, ondanks mijn ex-zwangerschapskilo’s grappen maken aan de pool, en zachtjes lachend de vrouwen van zwart-witte mannen afsnijden met mijn mountainbike tijdens de tocht met het partner programme. Een goede spouse zijn is een vak.

Vóór vertrek had ik de uitnodiging en de bijgevoegde gebruiksaanwijzing nauwkeurig bestudeerd en onze koffers, de rode Samsonites die nog een huwelijkscadeau waren geweest van mijn oma, puilden dan ook uit van de voor iedere avond zorgvuldig gekozen outfits. De kleren voor de feestavond namen het meeste plaats in beslag. Maar daarvoor was ik dan ook speciaal naar de kostuum-verhuur geweest. Het thema van dit feest was namelijk “Het Wilde Westen”. Ik had mij tijdelijk gelukkig geprijsd dat wij in België woonden. Met zijn rijke carnavalstraditie was het in dit land een koud kunstje aan die voorschriften te voldoen. Voor mijn man had ik behalve een echte cowboyhoed een suède vest met franje gehuurd en lederen lappen voor rond de spijkerbroek. Ik had sporen kunnen vinden voor aan zijn laarzen en om het geheel te vervolmaken had ik er nog een gordel met nepkogels bij gedaan, en uiteraard een holster voor zijn Colt. Het was nog vóór nine-eleven, begrijpt U. Voor mezelf had ik een pikant Indianenjurkje, en natuurlijk een prachtige zwarte pruik met dikke vlechten. Vol zelfvertrouwen stevenden wij daarom de avond van het feest door de glanzende gangen met blinkende kroonluchters van het Four Seasons Resort, op weg naar de grote zaal. Wij waren een beetje laat, maar ons haar zat goed. De grote klapdeur was al dicht en toen wij die met gepaste bravoure openden, viel het licht uit de hoge ruimte op al onze glorie. Hoofden draaiden zich om. Sommige mensen hielden op met praten. Wij keken rond. De heren droegen en geruit overhemd. De dames een japonnetje.

“Pouw-pouw,” fluisterde mijn man onder mijn zwarte vlecht.

Ik geloof nog steeds dat hij het meende.

Voorpret

4 gedachtes over “Voorpret

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s